Met de caravan in de bergen
Veelal vraagt men zich af of de trekauto wel voldoende kracht heeft om in
de bergen te rijden. Onze trekkrachtberekeningen kunnen daar natuurlijk uitsluitsel over geven. Maar ook bij een sterke trekauto zijn
er nogal wat zaken waarmee u rekening dient te houden. In het kort hieronder
een paar aandachtspunten en bovendien een uitgebreide beschrijving van de
oplooprem.
Interne links naar andere bergrij-gerelateerde aspecten....

Tijdens het BergTrainingsWeekend,
onze caravan rijvaardigheidscursus in het uiterste zuiden van Limburg, komt
heel veel meer ter sprake. Het e-book "Rijden in de Bergen" wordt
daarbij ter beschikking gesteld, maar is ook los verkrijgbaar tegen een
geringe vergoeding.
 |
Vaak merken en zien we (toerenteller / snelheidsmeter) dat
bij een geringe stijging de snelheid afneemt en dat gas bij geven geen
effect meer heeft. Terugschakelen naar een lagere versnelling is het enige
juiste wat je als chauffeur te doen staat. Soms moet je meerdere
versnellingen terug omdat het motorvermogen ontoereikend is. Tijdens het stijgen kom je uiteindelijk in die
versnelling terecht waarbij je een constante snelheid kunt handhaven.
|
| Bedenk
dat tijdens die stijgingen veel van de motor en de aandrijflijn gevergd wordt.
Zorg ervoor dat je auto in topconditie is en voorzien is van voldoende
vloeistoffen, zoals olie en koelvloeistof. Houdt hierbij de lampjes en meters
op het dashboard nauwlettend in de gaten. Het afdalen met een
caravancombinatie levert met betrekking tot het motorvermogen en koppel geen
problemen op. We zien dan ook dat de caravans soms met hoge snelheid uit de
bergen naar beneden razen. Natuurkundig gezien is er geen enkel beletsel
en de snelheid zal als we niet ingrijpen alleen maar hoger worden. Om
veiligheidsredenen zou afdalen met dezelfde snelheid moeten gebeuren als
het stijgen. In de praktijk zien we dat dit bij caravancombinaties vaak niet
haalbaar is. Zelfs in de eerste versnelling bij hoge toeren is de remmende
werking van de motor niet voldoende.
|
 |
 |
Toch merk je dat bestuurders van zware
vrachtautocombinaties zich meestal vasthouden aan dit principe. Bij vaak bijremmen met de bedrijfsrem zal dit leiden tot
grote hitte van remtrommels of remschijven en er kan in het slechtste
geval remfading optreden, waardoor de remvertraging van het remsysteem
sterk afneemt, ondanks krachtig remmen. Volledige uitval is zelfs
denkbaar. Er moet dus op de motor worden afgeremd. Zware vrachtwagens
beschikken bovendien over een extra motorrem. Bij caravancombinaties
ligt er
nog een tweede probleem op de loer en dat is de werking van de oplooprem. |
De oplooprem
Bij het afdalen gaat de caravanmassa enigszins duwen op de trekhaak. Bij
een slecht werkende oploopdemper kan dit betekenen dat de oplooprem in werking
wordt gesteld. Dit zal niet leiden tot een snelheidsvermindering van de
combinatie omdat met het trekkende voertuig niet wordt geremd.
| Bij een goed werkende oploopdemper zal door een remingreep
van de bestuurder eveneens de oplooprem in werking worden gesteld.
Hierdoor kan een snelheidsvermindering ontstaan, afhankelijk van de mate
dat de autorem wordt bediend. Na het loslaten van de autorem, zal in
vele gevallen de oplooprem door de blijvende opduwkracht van de caravan
niet worden gelost. In deze situaties gaat de caravan met slepende
remmen afdalen. Hierdoor ontstaat een grote warmte ontwikkeling, die
door de geringe aanlegkracht van de remvoering tegen de remtrommel
slecht wordt afgevoerd. |
 |
Twee situaties waarin de oplooprem niet lost, die in het slechtste geval
ernstige gevolgen kan hebben. Het geheel kan leiden tot compleet verbrande
remvoeringen, lagerschade etc. Hoe is dit te voorkomen zul je je afvragen.
Belangrijk is het om een oploopdemper te hebben van goede en voldoende
kwaliteit, in relatie tot de (daadwerkelijke) massa van de caravan.
Bijvoorbeeld een caravan met een toegestane maximum massa van 1500 kg, die
beladen 1600 kg weegt, voorzien van een oploopdemper die niet optimaal meer
werkt, zal eerder leiden tot slepende remmen dan een caravan van 1500 kg die
in werkelijkheid maar 1350 kg weegt. Vaak is er bij caravans sprake van
maximale belading, c.q. enige overbelading. De zware jongens zijn dus
gewaarschuwd.

Misschien is het mogelijk dat bij een ‘berg / alpen’ vakantie tijdelijk
een zwaardere oploopdemper wordt gemonteerd. Uw dealer kan hierover mogelijk
enig advies geven. De bestuurder van de caravancombinatie moet bij het afdalen
een zodanige snelheid en versnelling kiezen dat tijdens de afdaling niet hoeft
te worden geremd met de autorem (bedrijfsrem). Veelal betekent dit dat de
afdaling met een lage snelheid zal moeten beginnen en misschien wel laag zal
moeten blijven.
Uitsluitend afremmen op de motor en een goedwerkende oploopdemper kan er
voor zorgen dat de oplooprem niet in werking wordt gesteld. Duidelijk mag zijn
dat indien de snelheid te hoog is geworden dat je de autorem inschakelt en
daardoor de snelheid weer binnen veilige proporties wordt gebracht. Om na een
remming met de autorem de oplooprem weer uit te schakelen zou in eerste aanleg
tot stilstand moeten worden geremd, waarna tijdens het wegrijden de oplooprem
wordt uitgeschakeld. Dit laatste wordt veelal niet gedaan door de bestuurder,
waardoor er een reële kans bestaat dat je vervolgens met een slepende
oplooprem de afdaling voortzet, met gevolgen als eerder omschreven.
Eigenlijk zou je als consument kunnen zeggen dat technisch gezien de
oplooprem niet zo geschikt is voor het doen van sterke afdalingen. Gelet op de
huidige moderne elektronische mogelijkheden zou door fabrikanten bijvoorbeeld
een sensor en een waarschuwingslamp voor het al dan niet in werking zijn van
de oplooprem kunnen worden gemonteerd. Kost naar mijn mening niet veel
euro’s. Ik denk hierbij aan een (groen/rood) lampje op de disselbak,
zichtbaar via de binnenspiegel. Nog mooier zou een lampje op het dashboard van
de auto zijn! Om enige zekerheid te waarborgen tot het al dan niet in werking
zijn of blijven van de oplooprem, lijkt het me mogelijk op een (sterke)
afdaling een kleine proef te doen.

Zet de caravan op de vastzetinrichting (handrem flink aantrekken),
vervolgens ongeveer 10 cm met de auto naar voren rijden. De oplooprem is nu
gelost. Zet de auto goed op de handrem en daarna de vastzetinrichting van de
caravan lossen. Als de caravan nu gaat inlopen in deze situatie, dan is
statisch gezien de oploopdemper niet in staat om de oplooprem buiten
werking te houden. Zou men in deze situatie toch gaan afdalen dan zal zonder
dat de autorem wordt gebruikt, de oplooprem over de gehele lengte van de
afdaling slepen met het mogelijke gevolg van oververhitte remmen of erger.
Verbrande remvoeringen of erger zal nagenoeg nooit onder garantie worden
gerepareerd, omdat de bestuurder (door ondeskundig gebruik) de meeste blaam
betreft. Om elke verhitte discussie met de fabrikant, importeur of dealer te
voorkomen, kun je maar beter zorgen dat je het hoofd en de caravanremmen koel
houdt.
Het rijden in bergen vergt voor bestuurders van caravancombinaties meer
ervaring en gevoel dan het rijden op mooie geplaveide wegen.
De werking van de oplooprem
 |
Caravans en aanhangwagens tot 3500 kg toegestane maximum
massa, zijn voorzien van een oploopreminrichting. Deze reminrichting
bestaat uit een aantal hoofdonderdelen. Remtrommel - remschoenen met
remvoering - spreidslot - remkabels - evenaar - remstang. Het oploopdeel
aan de voorzijde van de dissel, bestaat uit een pijp met schuifstuk -
trekhaan en een oploopdemper, zie foto's. |
Kenmerkend is dat voor het in werking stellen van de oplooprem, geen
remdelen aan het trekkende voertuig zijn verbonden. De oplooprem stelt
zichzelf in werking! Werking Wanneer met een caravancombinatie middels de
autorem (bedrijfsrem) wordt geremd, neemt de snelheid van de auto af. Doordat
de caravanmassa de (rij)snelheid wil behouden, gaat de caravan inlopen
(oplopen) en schuift het oplooprem deel, wat aan de dissel zit, over de pijp
die is verbonden met de kogelkoppeling.

Het uiteinde van de pijp loopt tegen de trekhaan, die daardoor achterover
wordt geduwd. De aan de trekhaan bevestigde trekstang, trekt via de evenaar
(voor gelijke remverdeling links/rechts) aan de remkabels. In de remtrommel
worden de remschoenen door het spreidslot naar buiten bewogen. De remvoeringen
worden tegen de binnenzijde van de remtrommel gedrukt. Door de ontstane
opduwkracht van de caravan wordt het remvermogen bepaald. Hoe groter de
opduwkracht hoe groter de remkracht.
Wanneer er voor langere duur wordt geremd zien we dat er een evenwicht
ontstaat tussen de mate van remmen van trekkend voertuig en de caravan. Dit
noemt men ook wel remharmonisatie. Kortom de caravan kan niet harder remmen
dan het trekkende voertuig. Immers op het moment dat de remwerking van de
caravan groter dreigt te worden, lost de rem zodanig dat die gelijk wordt met
de vertraging van het trekkende voertuig.
De autorem kan vaak meer remvertraging behalen dan de oplooprem van de
caravan. In dit geval zal de caravan remmen maar blijven opduwen, omdat het
remvermogen van de caravan niet toereikend is. Denk in dit verband aan een
auto met een ABS remsysteem en een caravan oplooprem. Wanneer de autorem wordt
losgelaten zien we dat enig moment daarna de oplooprem wordt gelost. Het
schuifstuk aan de voorzijde op de dissel wordt weer uitgeschoven en de
remschoenen komen weer in de ongeremde uitgangspositie. Om te voorkomen dat
bij gas loslaten of geringe remmingen de oplooprem meteen in werking treedt en
om bij het wegrijden met ingeschoven oplooprem mechanische schade te voorkomen
is in de eerder omschreven pijp een oploopdemper gemonteerd.

De oploopdemper is een enkelwandige hydraulische demper die het in- en
uitschuiven enigszins bemoeilijkt. In de met olie gevulde demper zit een
zuiger met gekalibreerde openingen. Tijdens het in en uitschuiven wordt de
olie via deze openingen van de ene naar de andere zijde van de zuiger geperst.
Dit geheel geeft een dempende of vertraagde werking. Afhankelijk van de massa
van de caravan zijn er diverse dempers leverbaar. Hoe zwaarder de caravan hoe
groter de dempende factor. Fabrikanten van onderstellen dragen er zorg voor
dat een juiste demper wordt gemonteerd. Bij een forse overbelading van de
caravan zal de dempende werking mogelijk tekortschieten!
Slechte of versleten dempers verraden zich tijdens het rijden door een
bonkende caravan achter de auto tijdens remmen en weer wegrijden. Tijdens het
remmen zien we dat vaak eerst de caravanwielen even blokkeren (rook van de
banden) en vervolgens de remwerking harmoniseert. Een statische controle is
eveneens mogelijk door eerst de niet aangekoppelde caravan op de
vastzetinrichting (handrem) te zetten en daarna de voorzijde van de koppeling
naar achteren te duwen en vervolgens weer uit te trekken. Bij beide bewegingen
moet er weerstand voelbaar zijn, tengevolge van de verplaatsing van de olie in
de demper. Het uit zichzelf naar voren komen van de pijp met koppeling wordt
veroorzaakt door een gaskamer die in de demper aanwezig is om het
zuigerstangvolume te compenseren. Een goedwerkende oploopdemper is van
essentieel belang bij het rijden in de bergen.
Theo Gerrits (Technische adviescommissie NCC)

|